Eindexamenwerk

Afstuderen in het TextielLab

Juni is een spannende maand op alle academies. Aankomende ontwerpers en kunstenaars leggen dan de laatste hand aan hun afstudeerproject, om dat vervolgens te tonen en toe te lichten aan kritische commissies van docenten en examinatoren. Een aantal van die projecten zijn in samenwerking met het TextielLab gemaakt. En als het aan het lab ligt worden dat er meer: “We willen jong talent graag een zetje geven,” zegt labhoofd Hebe Verstappen.

Ieder jaar zijn er bij weven en breien twaalf afstudeerplekken te vergeven aan studenten van nationale en internationale academies, die hier een aantal dagen tegen sterk gereduceerd tarief aan de slag kunnen met een productontwikkelaar. Volgend jaar wordt dat aantal opgehoogd naar veertien. Maar ook bij de andere technieken, als passement, tuften en borduren kun je een aanvraag voor een afstudeerproject indienen. “Het liefst zou ik de afstudeerders geen drie of vier dagen maar drie weken in het lab geven,” zegt Hebe Verstappen. Zij is bezig de samenwerking met verschillende academies te bestendigen, zodat studenten hier al eerder en vaker in hun studie aan de slag kunnen op de machines. “We bieden studenten de kans om aan de praktijk van het professionele textielontwerpen te proeven. Je leert hier niet alleen technieken en hoe je daarmee kunt experimenteren, maar ook communiceren met de experts en producenten van stoffen en garens. Het lab is bovendien een vruchtbare ontmoetingsplek: je kunt er de basis leggen voor een waardevol netwerk in de textielwereld.”

De voordelen zijn wederzijds, benadrukt Verstappen: “De studenten die hier komen hebben torenhoge ambities, zijn niet te bleu om vragen te stellen en een gek idee uit te proberen. Die open, nieuwsgierige houding houdt ons scherp. Wij hebben via de studenten ook zicht op de veranderende rol van ontwerpers en kunstenaars. En nieuw talent is altijd welkom in ons netwerk.”

Photo: Kevita Junior

Knitted Light van Sangmin Oh. Foto: Kevita Junior

Knitted Light

Van de circa zestig aanvragen die ieder jaar binnenkomen, is helaas bij lange na niet genoeg plek in het lab. Er is een selectiecommissie die bepaalt welke studenten met de productontwikkelaars aan de slag kunnen. Daarin spelen de motivatie van de aanvrager en de artisticiteit van het plan een rol, maar ook of het technisch haalbaar is en of een project iets bijdraagt aan de R&D-programma’s van het lab of de collectie van het TextielMuseum. Zo is Sangmin Oh net aan de Design Academy Eindhoven afgestudeerd op Knitted Light: deze serie van 3D-gebreide lampen is een mooie aanvulling op het meerjarige R&D-traject over bouwen met textiel, met een focus op licht en beweging. In een poging licht en textiel te laten samensmelten, puzzelde Sangmin uitvoerig met productontwikkelaar Damien Semerdjian op het bedwingen van monofilament. Zelf omschrijft hij dit stugge nylon garen, dat ook voor vislijnen en -netten wordt gebruikt, als ‘trouble maker’. Maar de manier waarop monofilament met licht speelt was zo de moeite waard, dat ze net zo lang doorzochten tot er een oplossing was. Door het te combineren met een elastisch garen, zijn prachtige zelfdragende 3D-texturen ontstaan, die niet alleen magisch zijn als het licht aan is, maar ook nagloeien in het donker. De koraalachtige wezens die in Sangmins labdagen zijn opgebloeid, spreken tot de verbeelding. Het lab omschrijft hij als een ‘very professional playground’. Hij is gefascineerd door hoe de machine de grenzen van zijn eigen kunnen oprekt: “Ik zie de machine als een intrigerende extensie van mijn handen: waar die ophouden, gaat de machine verder.”

We bieden studenten de kans om aan de praktijk van het professionele textielontwerpen te proeven. Je leert hier niet alleen technieken en hoe je daarmee kunt experimenteren, maar ook communiceren met de experts en producenten van stoffen en garens. Het lab is bovendien een vruchtbare ontmoetingsplek: je kunt er de basis leggen voor een waardevol netwerk in de textielwereld.” – Hebe Verstappen, Hoofd TextielLab

Kenyalang Circus

Het project van Sangmin Oh kreeg eind juni een prijs van de Vrienden van het Textielmuseum, die jong talent een podium in het museum bieden op de jaarlijkse Vriendendag. Een andere student op dat podium was Marcos Kueh, die net zijn diploma gekregen heeft van de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. Deze grafisch ontwerper, afkomstig uit Maleisisch Borneo, begon zich aan de KABK pas te interesseren voor de traditionele Maleisische handweefkunst, die in zijn geboorteland vooral beoefend wordt door de armere bevolking. Hij verdiepte zich niet alleen in de techniek en beeldtaal, maar ook in de cultuurhistorische lading ervan. Samen met productontwikkelaar Marjan van Oeffelt realiseerde hij in het TextielLab zijn masterpiece van 8 meter lang. Daarin vertaalden ze elementen uit het ambachtelijke manden weven in nieuwe bindingen voor de machine. “Marcos is net als ik helemaal into bindingen, op dat vlak vonden we elkaar,” aldus van Oeffelt. “Voordat hij zijn ontwerpen kwam opschalen in het lab heeft hij zelf onderzoek gedaan op een TC2 handweefmachine en stage gelopen bij de Nederlandse etikettenweverij E&E Labels. Doordat hij met ervaring binnenkwam, konden we meteen de diepte in. We hebben veel kunnen experimenten, niet alleen met de bindingen, maar ook met het twijnen van garens.” Het resultaat heet Kenyalang Circus: een zeer gelaagd werk dat Marcos’ zoektocht naar identiteit weerspiegelt. Het gigantische kleed speelt met de tegenstelling tussen het bescheiden traditionele handwerk van postkoloniaal Borneo en een flashy billboard dat schreeuwt om aandacht in een overdonderende beeldcultuur. Marcos zelf werd na dagen samen programmeren op een computerscherm nog verrast door de grootte toen het kleed van de machine kwam. Gefascineerd door het machinale weven, schreef hij zich meteen in voor het Advanced Textile Program. Hij is blij dat hij geselecteerd is en dit najaar terugkeert in het lab: “Als industrieel, grafisch én textielontwerper is dit the place to be.”

Ook interesse in samenwerken op onze weef- of breimachines? Je kunt vóór 15 oktober nog een aanvraag doen om kans te maken op een werkperiode in het lab dit najaar. Lees hier meer over de aanvraagprocedure. Voor het werken met de andere technieken – borduren, laser of passement – kun je het hele jaar door een aanvraag indienen.